Reglementen Onderlinge Wedstrijden Dresuur en Springen Jeanne d’Arc vanaf 2020

Reglementen Onderlinge Wedstrijden Jeanne d’Arc vanaf 2020

Dressuur

-          Er wordt gereden conform de reglementen van de KNHS.

-          In de categorieën Bixie, BB dressuur, B/L/M dressuur.

-          Een ieder rijdt in zijn klasse conform de KNHS richtlijn.

-          Een ieder mag 2 proeven rijden als de tijd dit toelaat.

-          De wedstrijdruiters mogen een klasse hoger starten indien zij 5 winstpunten in de

       gezamenlijk geklasseerde klasse hebben behaald.

-          Er wordt gereden in clubtenue of wedstrijdtenue.

-          Er wordt gejureerd door een officieel KNHS-jurylid.

-          Voor het clubkampioenschap moet je aan 2 van de 3 onderlinge wedstrijden meedoen

       met hetzelfde paard/pony. De beste 4 proeven tellen.

KNHS leden starten 's morgens. Niet KNHS leden starten 's middags.

 

Springen

-          Er wordt gereden conform de reglementen van de KNHS. Uitzonderingen hierop staan

       hieronder.

-          Er wordt gereden in clubtenue of wedstrijdtenue.

-          Er wordt gereden met bodyprotector, goedgekeurde cap en adequate beenbescherming

       van pony/paard.

-          Een ieder springt in zijn eigen klasse, te weten Bixie, BB-2/ BB/B/L/M/Z

-          Dit houdt het volgende in:

 

Inschalingstabel springen onderlinge wedstrijd

Categorie

Klasse BB – 2

Klasse BB

Klasse B

Klasse L

Klasse M

A - pony

30 cm

40 cm

50 cm

60 cm

70 cm

B - pony

40 cm

50 cm

60 cm

70 cm

80 cm

C – pony

50 cm

60 cm

70 cm

80 cm

90 cm

D - pony

60 cm

70 cm

80 cm

90 cm

100 cm

E - pony

70 cm

80 cm

90 cm

100 cm

110 cm

Paard

80 cm

90 cm

100 cm

110 cm

120 cm

 

 

 

 

 

 

Bixie: alle hoogtes vanaf 10cm

 

 

 

 





 

 


- Wedstrijdruiters met 1 of meer winstpunten mogen niet onder hun hoogte starten.

  Willen zij dit wel dan starten zij HC (Horse Concours).

-  Wedstrijdruiters mogen 10 cm hoger springen op het moment dat ze 5 officiële winstpunten

  in de gezamenlijk geklasseerde klasse hebben behaald.

  Met andere woorden jemag één klasse hoger oefenen.

- Voor het clubkampioenschap kom je in aanmerking als je Bixie, BB-2/ BB/B/L/M/Z springt.

- Spring je een andere hoogte dan start je HC.

  HC starten telt niet mee voor het clubkampioenschap, maar wel voor de dagprijzen.

- Er wordt een officiële KNHS parcoursbouwer en stijljury gevraagd.

- Het springen wordt beoordeeld op stijl (alle klassen), hindernisfouten en tijd.

- Bij 3 weigeringen mag men het parcours uitrijden. Voor het klassement houdt men bij 3

  weigeringen uitsluiting aan.

- Een ieder rijdt 2 parcoursen.

- Van de stijlpunten worden per parcours de hindernisstrafpunten en tijdstrafpunten

  afgetrokken. Aan de hand hiervan wordt het klassement opgesteld.

- Voor het clubkampioenschap moet je aan 2 van de 3 onderlinge wedstrijden meedoen met

  hetzelfde paard/pony. De beste 4 parcoursen tellen.

 

Clubkampioenschappen reglementen vanaf 2020

Springen

De volgende bokalen worden uitgereikt:

* Bixie springen leeftijd 4 t/m 13 jaar. Tussen 4 en 6 jaar onder begeleiding.

* Alle klassen (BB-2/BB/B/L/M/Z) paarden en pony’s bij elkaar.

-          De resultaten van de 4 beste parcoursen tellen.

-          Van de stijlpunten worden per parcours de hindernisstrafpunten en tijdstrafpunten

       afgetrokken.

       Na 4 parcoursen wordt dit bij elkaar opgeteld. Degene die de meeste punten heeft wint.

-          De parcoursen waar men in uitgesloten wordt tellen niet mee voor punten.

Dressuur

De volgende bokalen worden uitgereikt:

* Bixie dressuur, leeftijd 4 t/m 13 jaar. Tussen 4 en 6 jaar onder begeleiding.

* Alle klassen (BB/B/L/M) paarden en pony’s bij elkaar

-          De resultaten van de 4 beste proeven tellen.

-          De resultaten van de 4 beste proeven worden bij elkaar opgeteld.

-      Degene met het hoogst aantal punten wint de bokaal.

Allround

Er wordt één bokaal uitgereikt in het allround klassement. Bixie ruiters zijn hiervan uitgesloten.

De resultaten van de 4 beste dressuurproeven met de resultaten van de vier beste

parcoursen worden bij elkaar opgeteld.

Degene met het hoogst aantal punten wint.